Benvenute in Roma

Koud geland op Fiumicino Airport en wachtend op de enig ingecheckte koffer, kijken mijn Lief en ik elkaar aan en slaken een zucht van verlichting: we zijn er. Het feest dat citytrip Rome met vier pubers heet, kan beginnen. Ik krijg een dikke kus en kijk dan achterom om te checken of ze er allemaal nog zijn.

‘Is hier ook een McDonalds?’ vraagt de Capuchon, terwijl hij op zijn mobiel kijkt.
‘De wifi is hier echt kak, hoor,’ zegt De Snor.
‘Zijn we er nou bijna?’ piept Spuit 12 voor de honderdzesendertigste keer.
Het gevraag en het commentaar beschouw ik als winst: ondanks het feit dat dit de eerste keer is dat we een paar dagen met z’n allen weg zijn, zijn ze alle vier, heel fijn, zichzelf.

Alle vier? Waar is nummer 4?! De pre-vakantiestress die we dachten achter te laten op Brussels Airport blijkt meegereisd te zijn en is er eerder dan onze koffer. Met een blik die boekdelen spreekt worden de drie die zich wel binnen ons gezichtsveld bevinden, gesommeerd bij elkaar te blijven en zich vooral niet te verroeren.

Waar is ze?
Het krioelt van de reizigers en door de mensenmassa heen doen zachte G en ik verwoede pogingen om de dartelste van het stel te lokaliseren. Met klotsende oksels en verwilderde blikken kijken we heel efficiënt ieder een andere kant op. En gelukkig, daar zit ze. Achter een paar bagagebanden, verderop. Ter vermaak van een groepje toeristen tingelt ze Für Elise op een piano.
‘Waar was je nou!’ roepen we in koor.
‘Mijn leven is echt een drama hoor, met al dat gewacht! ’ verklaart ze haar verdwijning. Ze is terecht, niet veel later onze koffer ook en opgelucht pakken we een taxi.

In een badplaatsje net even buiten Rome, wacht Elena ons op. Een onderkomen regelen via Air B&B blijft altijd een beetje spannend. Foto’s zijn maar foto’s en recensies blijken nog wel eens fake news. Ze laat ons het huis zien, dat roze gegeveld is en behoorlijk authentiek bladdert. Maar het is prima. Schoon, genoeg ruimte, een tuin met uitnodigende ligbedjes. De beplanting bestaat uit een palmboom, een vijg, geurende kamperfoelie en er staat een lange tafel waaraan we ’s ochtends kunnen ontbijten onder een langzaam warmer wordend Italiaans zonnetje. Ik kijk nu al uit naar de foto’s die zullen barsten van de gezelligheid, licht verbrande konen, olijven, uitbundige Caesar salades, Parmezaanse kaas, ciabatta en pasta in allerlei varianten.

Zo rapido mogelijk worden de koffertjes neergeploft en loggen de troepen in op, hoera, vet goeie wifi, want een beetje puber kent zijn prioriteiten. Als ze allemaal hun locatie hebben gedeeld met de rest van de wereld worden op geheel Italiaanse wijze (met veel discussie en gebaren) de slaapkamers verdeeld.

Doodmoe van al dat gereis val ik, tegen de kont van mijn zachte G aan, in slaap. Daar is niets mis mee, maar het is niet dat ik een keus heb. Ons Italiaanse bed blijkt een kuil waar een Duitser jaloers op zou zijn. One down, five days to go!

Reacties zijn superleuk! Laat je me weten wat je ervan vindt?

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: